StopRSI Tips
TIP 39 – DAT ZIT WEL GOED! (woensdag 13 oktober 2010)
Voorkom klachten bij beeldschermwerk. E-MAIL TIPS kunnen U hierbij helpen. Regelmatig ontvangt U praktische tips, oefeningen en ideeën over gezond beeldschermwerk. Om nu én later gezond aan het werk te blijven.
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Heeft u vandaag de instelling van uw stoel al gecontroleerd? Waarschijnlijk is uw antwoord nee. U bent dan niet de enige! De meeste mensen zijn zich niet bewust van de instelmogelijkheden van hun kantoorstoel. Toch begint een goede werkhouding bij het regelmatig (opnieuw) goed instellen van de stoel. Dat ZIT niet alleen beter, het voorkomt ook klachten.
ZO ZIT U GOED:
1. Begin met het instellen van de stoelhoogte. Stel de zitting in op die hoogte dat de heupen en knieën een hoek tussen de 90 en 100 graden maken en de voeten plat op de vloer of een voetensteun rusten.
2. Bekijk vervolgens of de zitting voldoende diepte, en dus steun, biedt voor de lengte van uw bovenbenen. Ga daarvoor goed tegen de rugleuning aanzitten. Bedraagt de ruimte tussen de rand van de zitting en uw knieholte ongeveer een vuist, dan worden de bovenbenen in principe voldoende ondersteund. Is deze ruimte meer of minder, pas dan de zittingsdiepte aan. Wanneer dat niet mogelijk is, overleg dan met uw leidinggevende of Arbodienst over een oplossing.
3. Bij veel stoelen kan de hellingshoek van de zitting worden ingesteld. Met behulp van een synchro-mechanisme kan de zitting naar achteren of naar voren hellen. Wanneer de voorkant van de zitting hoger staat dan de achterkant, al dan niet ingesteld met behulp van het synchro-mechanisme of simpelweg door op twee poten te wiebelen, wordt de rug gekromd en kunnen de benen niet vrijelijk bewegen. Kortom geen houding om te lang of te vaak in te werken. Desondanks is dit in de praktijk een favoriete houding omdat het even afstand tot het scherm (én werk) geeft. Zitten op een zitvlak dat naar voren helt, is wel aan te bevelen. De grotere heuphoek (tussen lichaam en bovenbenen) bevordert een betere rughouding (meer rechtop) en biedt meer bewegings-mogelijkheden.
4. Stel vervolgens de hoogte van de rugleuning in, zodat de onderrug goed wordt ondersteund. Dat is het geval wanneer u de leuning voelt ter hoogte van de bovenrand van uw bekken of uw broekriem. Gebruik een rugkussen wanneer de rugleuning onvoldoende steun biedt.
5. Nu volgen de armsteunen. Stel deze zó in dat u uw onderarmen niet hoeft op te trekken, noch opzij hoeft te leunen om ze te laten rusten. Zitten de armsteunen in de weg? Verwijder ze dan of draai ze opzij of zet ze op de laagste stand zodat ze goed onder het werkblad kunnen schuiven.
6. De instelling van stoel, bureau, toetsenbord en monitor hangen samen. Dat betekent dat wanneer de stoel goed is ingesteld, het werkblad, toetsenbord en beeldscherm op de goede hoogte kunnen worden gezet. Het toetsenbord staat op de goede hoogte wanneer tijdens het typen de bovenarmen recht naar beneden wijzen en de onderarmen een hoek van 90-100 graden t.o.v. de bovenarmen maken. Let op: er moet voldoende ruimte tussen werkblad en bovenbenen blijven om deze regelmatig te kunnen bewegen.
7. Stel als laatste de hoogte van het beeldscherm in. Een en ander is afhankelijk van iemands typetechniek. Als vuistregel geldt hierbij: zet de bovenkant van de monitor (min of meer) op ooghoogte.
LET OP: zelfs een perfecte werkhouding wordt ongezond wanneer die houding lang wordt volgehouden. Wissel daarom regelmatig van (zit-)houding en sta elke 20 of 30 minuten op uit uw stoel om grote bewegingen te maken (zie TIP 7 en TIP 15).

